skip to Main Content
Green Quays, Breda

Green Quays, Breda

image
Rendering Green Quays Breda – NL
15.6.2021

Groene ambities van een ‘stad in het park’
De groene ambities van Breda zijn groot. De stad wil in 2044 CO2-neutraal zijn en in 2050 klimaatbestendig. En in 2030 misschien wel de eerste Europese ‘stad in het park’. Kortom, Breda stelt natuur centraal. Om de doelstellingen te kunnen behalen zijn al verschillende grote projecten gestart, waaronder de ontwikkeling van het centrumgebied. De gemeente is richting projectontwikkelaars duidelijk in haar eisen: zij moeten in al hun ontwerpen rekening houden met het toepassen van groen.

De gemeente is in 2019 gestart met het project Green Quays aan de zuidwestkant van de binnenstad. Voor dit project wordt een gedempte vertakking van de rivier De Mark weer uitgegraven en getransformeerd tot een blauwgroene ader van de stad: De Nieuwe Mark. De kades langs deze rivier worden vergroend waardoor ze bijdragen aan het verbeteren van het stedelijk klimaat en het vergroten van de biodiversiteit in de stad. Het gebied, dat nu nog tamelijk versteend is, wordt zo ook een aantrekkelijker plek om te verblijven voor bewoners en bezoekers.

Opgave Green Quays – Breda
Proefopstelling van groene kademuren aan de Nieuwe Mark in Breda. Uit de kademuren groeien (muur)planten, mossen en bomen. Onderzocht wordt welke omstandigheden nodig zijn om planten te laten groeien. Green Cities spreekt partijen die bij dit project betrokken zijn en bekijkt het bredere plaatje.

• Projectduur: 2019 – 2022
• Opdrachtgever en projectleiding: Gemeente Breda
• Ontwerp: Harold van den Broek, gemeente Breda
• Groeiplaatsadvies: TGS, Amsterdam
• Onderzoek constructie: TU Delft, Delft
• Onderzoek microklimaateffecten: Universiteit van Wageningen
• Ecologische aspecten: Natuurplein de Baronie en RAVON, Waterschap Brabantse Delta
• Bewoners participatie: Stichting BLASt, Breda
• Medefinanciering: Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling via het Urban Innovation Actions Initiative
• Omvang EU-subsidie: € 4.699.228,-

De start
In aanloop naar de start had de gemeente contact gezocht met verschillende partijen in haar netwerk. Met een aantal van hen had ze al andere stadsprojecten gedaan. ‘Iedereen reageerde gelijk enthousiast’, aldus Roel Klei, projectleider afdeling Ruimte en Vastgoedontwikkeling bij de gemeente Breda. ‘De TU Delft moest voor dit project “andersom denken”. Hen werd gevraagd bakstenen en mortel te onderzoeken die de groei van planten en mos bevorderen, terwijl ze bezig waren met een onderzoek waarin groen juist moet worden geweerd. Maar ze zagen dit als een leuke opdracht.’

Begin 2020 ging een aannemer aan de slag met de bouw van de proefopstellingen die de nieuwe kademuur nabootsen. Er zijn proefopstellingen gebouwd voor onderzoek naar de groei van planten en mossen en proefopstellingen met gaten van waaruit de bomen moeten gaan groeien. Deze panelen zijn in het voorjaar van 2020 over een lengte van 175 meter op twee plekken en aan weerszijde van de Nieuwe Mark bevestigd aan de kademuren. Zo kunnen de onderzoekers later de resultaten vergelijken van de vorming van groen aan de schaduw- en de zonzijde. Als de resultaten positief zijn zullen de kades over de hele lengte van de Nieuwe Mark de worden vergroend.

In detail
De kademuren van de Nieuwe Mark zullen bestaan uit een stalen damwandprofiel, met daarvoor een L-vormig betonelement waartegen een bakstenenmuur wordt gemetseld. Deze muur krijgt geen vocht vanuit het achterliggende grondlichaam, zoals bij andere kademuren in bijvoorbeeld Utrecht en Amsterdam. Voor de planten die uit de muren moeten gaan groeien is het dus noodzakelijk dat de bakstenen en het voegwerk voldoende vocht kunnen vasthouden en afgeven, zonder aan stevigheid in te boeten.

Voor de bomen moest een aparte oplossing worden gevonden. Het ontwerp voorziet in grote ronde gaten in de kademuur van waaruit de bomen groeien.  Om dit voor elkaar te krijgen moeten bomen worden geplant die al in een hoek van 90° graden zijn opgekweekt. En die bomen komen in een ‘boomonvriendelijke’ groeiplaats te staan: het is krap, er is geen achterliggend grondlichaam en de wortels kunnen alleen van onderaf vocht krijgen. Voldoende uitdagingen dus maar dat past prima in een innovatief project.

Sterk en inheems
Een van de uitgangspunten van het ontwerp is dat sterke inheemse soorten moeten worden toegepast die veel insecten, bijen en vlinders trekken en een broedplaats kunnen zijn voor vogels. Jeroen den Brok, adviseur bij de verantwoordelijke bomenleverancier: ‘Voorafgaand aan het onderzoek hebben we overleg gevoerd met verschillende andere partijen en is mede op ons advies het volgende sortiment bomen en heesters samengesteld: Acer campestre, Alnus glutinosa, Betula pendula, Salix cinerea, Ulmus laevis en Buddleja davidii, Sambucus nigra en Viburnum opulus. De berk viel af, die bleek minder geschikt.  De reden dat we ook heesters hebben meegenomen in het onderzoek is op verzoek van de gemeente Breda. Men vroeg ons in iedere air-pot een boom- en heestersoort te kweken in diverse samenstellingen/combinaties. In het definitieve plan wil men graag een boom met een heester per plantgat, om wat meer groen direct bij de kademuur te krijgen.’

In 2019 is de boomkwekerij begonnen met het planten van spillen in zogeheten air-pots. In plaats van in een pot, worden de planten opgekweekt in een brede kunststof ring met gaatjes aan de zijkant. Dit bevordert de groei van haarwortels die het wortelsysteem van de boom versterken. Dit is belangrijk, omdat de bomen in een krappe groeiplaats terecht komen. Tegelijkertijd werden de boompjes langs gegalvaniseerde buizen geleid in een hoek van 90° graden. Met een uitgebalanceerd ‘spraystake’ watergeefsysteem kregen ze water naar behoefte. Voor de boomkweker was deze manier van geleiden een noviteit: ‘We waren erg benieuwd hoe de bomen erop zouden reageren.’ Dit bleek boven verwachting te zijn: alle vier aangeplante soorten, drie stuks per soort, lieten zich goed de hoek om leiden.

Voor de proefopstelling in Breda zijn twee soorten bomen gebruikt: de iep en de wilg. Beide staan zowel aan de schaduw- als aan de zonkant van de rivier en worden nog tot 2022 gemonitord.

De groeiplaats
Voor de bomen moest een groeiplaats ontwikkeld worden tussen de betonelementen en de stalen damwand. Erwin van Herwijnen, groeiplaats specialist bij Tree Ground Solutions, is een van de specialisten die aan dit onderzoek deelneemt. Hij begint bij de basis: ‘De juiste groeiplaats voor bomen voldoet aan drie essentiële voorwaarden, voldoende toevoer van vocht, zuurstof en voeding. Omdat de bomen worden geplaatst in een kleine en bijna afgesloten groeiplaats moesten we een substraat toepassen dat ervoor zorgt dat er steeds vocht, zuurstof en voeding beschikbaar is.’

De bomen in de proefopstellingen staan nu in twee typen substraat, één op basis van lavazand en de ander op basis van capillair zand. Van Herwijnen: ‘We zoeken hier de balans tussen het aandeel water en zuurstof in de leeflaag van de wortels. Belangrijk om te weten is dat de groeiplaats altijd vanuit de Nieuwe Mark gevoed wordt en dat de capillariteit van het product bepalend is voor de kwaliteit van de groeiplaats. Daarnaast moeten we voldoende stabiele organische stof meegeven zodat de beplanting zich positief en duurzaam kan ontwikkelen.’ Een keuze heeft Van Herwijnen nog niet gemaakt omdat beide substraten goed presteren. Hij is tevreden met het resultaat tot nu toe: ‘Het is wel duidelijk wat het stedelijk klimaat voor invloed op de beplanting heeft, bij de start van het project heeft de reflectie van de muur ervoor gezorgd dat de beplanting aan de noordzijde (lees zon van de zuidzijde) veel te lijden heeft gehad van de warmte die van de muur afkwam. Toch mooi om te zien hoe flexibel de natuur kan zijn en de bomen hebben zich weer hebben hersteld.’

De samenwerking
Voor het project Green Quays werken een aantal partijen uit verschillende sectoren samen: overheid, wetenschap, commercie en non-profit. Alle partijen die we gesproken hebben zijn zeer positief over de samenwerking. Er is geregeld overleg en iedereen is inhoudelijk goed betrokken bij het project. Roel Klei: ‘Bij Green Quays hebben we veel expertise samengebracht en dat pakt goed uit. Er komt veel enthousiasme los bij alle partijen.’

Het onderhoud
Ook collega’s van de afdeling groenbeheer zijn in een vroeg stadium bij het project betrokken geraakt en praten mee over oplossingen. ‘Voor hen zal het onderhoud aan de nieuwe kades een andere manier van werken vragen en dat vinden ze best spannend’, aldus Roel Klei. ‘Wanneer grijpen ze in, wanneer niet? De veiligheid staat natuurlijk voorop maar daarnaast is het de bedoeling dat het groen weelderig mag groeien. Of dit altijd een mooi beeld oplevert is in dit geval van minder belang. Natuur gaat voor esthetiek! Zo is het ook niet de bedoeling dat de kademuren eens in de zoveel tijd worden schoongespoten, zoals dat nu gebeurt.’

Inspraak burgers
Met inspraakavonden en informatiebijeenkomsten worden de omwonenden op de hoogte gehouden van de ontwikkelingen. Tot nu toe zijn ze erg positief. Roel Klei sluit niet uit dat dit sentiment kan omslaan als de gemeente echt aan het werk gaat en de kades tijdelijk een bouwplaats zijn. Daarnaast wordt een andere afwateringstechniek toegepast op de kades: er worden geen goten aangelegd. ‘De bedoeling is dat het water langs een natuurlijke manier wordt afgevoerd van de kades. Tijdens hoosbuien kan het dan voorkomen dat op de kade een tijdje plassen kunnen staan. Bewoners vragen ons of dit niet tot onveilige situaties kan leiden. Dit moeten we als gemeente goed in de gaten houden’.

Financiering
Green Quays wordt medegefinancierd door het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling via het Urban Innovation Actions Initiative. De gemeente Breda is geen onbekende van dit programma; het heeft al eerder subsidie ontvangen voor een ander project. Laat onverlet dat het verkrijgen ervan niet vanzelf gaat, de subsidie is gebonden aan voorwaarden. Roel Klei somt er een aantal op: ’Het project moet een lokaal initiatief zijn, innovatief en nuttig voor andere Europese steden. En bijzonder: het mag mislukken!’ Vervolgens betekent het voldoen aan de voorwaarden nog niet dat de subsidie wordt toegekend. Er waren veel meer aanvragen ingediend dan dat er konden worden toegekend. ‘We hebben dus in zekere zin geluk gehad’.

Lessons learned
De partijen vinden het nog te vroeg om lessen te kunnen trekken uit het project. Het onderzoek loopt nog tot medio 2022, zodat de beplanting tijdens twee groeiseizoenen kan worden gemonitord. Als er al een les te trekken valt is dat de projectduur vrij kort is voor zo’n innovatief project. Zeker gezien het uitgangspunt dat de begroeiing in de proefopstellingen zich op een natuurlijke manier moet kunnen ontwikkelen. Dit heeft tijd nodig en houdt zich niet aan deadlines.

Wat levert het op?
Het vergroenen van de kademuren langs de Nieuwe Mark is slechts een van de projecten waarmee de gemeente de biodiversiteit, duurzaamheid en de leefbaarheid in de binnenstad wil bevorderen. En deze groene werken staan niet op zichzelf: Breda wil in 2030 een ‘stad in het park’ worden. Tegelijkertijd timmert Breda hard aan de weg om in 2030 de meest gastvrije binnenstad van Nederland te worden. In het concept-binnenstad visie van de gemeente, ondernemersfonds Breda en Breda marketing worden groen en gastvrijheid verbonden.

Back To Top
The Green City uses Googles cookies and scripts to analyse your use of our website anonymously, so we can customise its functionality and effectiveness and display advertisements. We also use Facebook, Twitter, LinkedIn and Google cookies and scripts, with your consent, to enable social media integration on our website. If you wish to change which cookies and scripts we use, you can alter your settings below.
Annuleren